Ik plande eerst een beschouwend sentimenteel stukje te schrijven over ik die me vast hecht aan allerhande dingen en vooral over andere mensen die dat nog veel erger doen, maar dat laten we maar zo.
Ik hou van HUMO, kan ik er wat aan doen. Helaas wordt het elk jaar een beetje pijnlijker om hun pop polls te zien worden uitgereikt. Je zou het blad kunnen vergelijken met de andere socialistische partij, maar dan omgekeerd. Bij de sp.a is de top naar het centrum opgeschoven en is de basis achtergebleven. Bij HUMO is de redactie ongeveer blijven zitten op de plek waar ze al decennialang zaten, maar is hun lezerspubliek een groter deel van het centrum gaan bezetten. Dat levert schrijnende taferelen op als er onder de noemer van het blad prijsjes worden uitgereikt die enkel en alleen door de lezers worden bepaald.
Vorig jaar was het al hevig schrikken toen Yves Leterme de medaille kreeg voor – terecht dreigend klinkend tromgeroffel – bekwaamst politicus van het jaar. Deze prestatie deed hij merkwaardig genoeg dit jaar, na geen enkele noemenswaardige verwezenlijking en een vermeende schending van de scheiding der machten, nog eens over. De vanzelfsprekendheid waarmee hij deze twee opeenvolgende jaar eveneens tot lul en nu ook tot ergerlijkste politicus werd gekroond, maakt dat niet goed. Tenzij Leterme de bussen bejaarden waar Bob Cools vroeger mee aan de haal ging naar een cybercafé heeft gereden, moeten er dus lezers van mijn lijfblad zijn die het onding nog steeds enige capaciteiten toedichten. Een mens vraagt zich af waar ze dat dan precies menen te lezen. Niet uitgesloten kan worden dat een hele sociale klasse die net onder degene zit waar het courant is HUMO te lezen, zich het blaadje aanschaft enkel en alleen om een opstapje te vinden op de sociale ladder maar er verder geen jota van begrijpt. Begrip is hier gepast, maar het frustreert wel. Nog droeviger word ik als quasi elk jaar de trofee voor vrouw van het jaar naar eentje uit de sport gaat. Alsof vrouwen elders nog steeds niets voorstellen. Het werd Tia Hellebout, maar ik zat met Hillary Clinton in mijn hoofd. Ook de komende vier jaar moet zij onder een president werken in plaats van zelf de plak te mogen zwaaien, maar haar prestaties blijven groots. Man van het jaar: Obama. Daar kon zelfs het doodgeverfde lulletje rozenwater Eric Van Looy vreemd genoeg niet omheen.
Verder schuiven de winnaars steeds meer op naar een nietszeggende mainstream waar absoluut niet interessants te halen valt. Beste boek (mijn stokpaardje) ging zo naar het enige maar daarom niet minder vervelende boek dat gratis bij HUMO had gezeten: Godverdomse dagen op een godverdomse bol. Nou ja. Als het om muziek gaat, wil ik wel mijn mond houden, maar daar valt het zelfs mij op dat elk jaar weer plus minus dezelfde met de prijzen gaan lopen. Verder: Canvas, Studio Brussel, Kamagurka, Paul De Leeuw,…niets nieuws onder de zon.
De categorieën waar altijd wel wat mee te lachen valt omdat ze daarom ook zo bedoeld zijn, bleken dit jaar ook een treurige aangelegenheid. De bekroning voor meest ergerlijke teeveepresentator bleek te zijn afgeschaft (enkele tijd geleden al) omdat sommige mensen daar te erg onder leden. Ben Crabbé was naar het schijnt bijzonder pissig om zijn terechte overwinning in deze categorie, waarmee hij de laatste (en voor mij eeuwige) winnaar werd. Dan maar wat anders: Wie zou u het liefst niet uit de kleren zien gaan? Een onderscheiding die wel bedacht leek te zijn voor de winnaar van dit jaar – Bart De Wever -, zodat hij eindelijk ook eens genodigd naar de uitreiking kon komen. Voor kans te maken op lul van het jaar wordt hij nou eenmaal tegen wil en dank steeds te licht bevonden. De aanwezigheid van Bart De Wever is helaas al een hele tijd niet meer om te lachen. Te pas en te pas duikt hij al een hele tijd overal op met zijn gestileerd cynisch smoelwerk, om toch maar gangbaar te worden bij het volkje dat zijn naam doorgaans in conversaties uitspuwde. Het lijkt hem wonderwel te lukken. Als dan blijkt dat de tegenwoordige HUMO-lezer het liefst van al de belastingen wil zien afgeschaft, is de malaise totaal. Populisme troef, blijkbaar.
Enkel Miet Smet en Wilfried Martens als meest romantische koppel van het jaar waren meer dan terecht. Al is het maar omdat dan zeker is dat Martens nooit meer terugkeert naar de nationale politiek.
dinsdag 24 februari 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten