Een crisis kiest maar zelden het juiste moment uit om op te doemen. Toen Yves Leterme gisteren naar de koning vertrok, lag ik al een hele poos te slapen. De postbode in mij heeft die rust nodig, niet zozeer de mens. Toen ik ’s ochtends aan het postkantoor van E. verscheen, ging ik er nog vanuit dat de dialoog onder gemeenschappen er wel zou komen, ook al zou de N-VA daar mogelijk het schip voor verlaten. Niet dus.
“Yves Leterme,” liet er iemand vallen, niet meteen getuigend van politiek inzicht, maar ze had toch ook wat opgevangen. Daarop kwam er een stroom van halve zinnen, waarheden en slogans op gang. Het meest tot de verbeelding sprekende, maar ook meteen wat meest verontrustte was iemand die het opstoken van de Walen beval. Los van stijlfiguren als overdrijving en ironie, blijft dat een hele uitsprak. Zo hard had ik het niet verwacht. Dat onze zuiderburen zich het afgelopen jaar niet meteen populair hebben gemaakt in Vlaanderen, kan een klein kind voorspellen, maar dat het zo diep zat, is nog wat anders. Gevolgd werd dit door instemmend gemompel en analyses die de zaak nogal eenzijdig in het voordeel van de hardwerkende Vlaming beslechtten. Dat nam niet weg dat ook Yves Leterme, die volgens zijn voorzitster bovenmenselijk werk heeft verzet, het in zijn geheel moest ontgelden. Over Bart De Wever en zijn ‘geblindeerde kabouters’ (Hugo Camps) repte men geen woord, maar ik vrees dat ook zij het moeten afleggen tegen nog rechtsere krachten.
Volgens Yves Leterme zijn de tegenstellingen niet te overbruggen, het model uitgeput. Emotionele reacties waar we begrip voor moeten hebben, aldus Louis Michel. Vaststaat is dat Leterme en zijn CD&V niet voor het model hebben gekozen, maar voor het kartel. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik dat niet verwacht had. Kwamen de giftige reacties in het postkantoor in E. al onverwachts, dan is de strategie waar de CD&V gisteren voor koos dat wel helemaal. Niet de voorstanders van oplossingen en het compromis als Kris Peeters en vermoedelijk ook Marianne Thyssen wonnen het pleit, maar wel de voorvechters van de Vlaamse zaak. Zo zouden christendemocratische senatoren gedreigd hebben over te stappen naar de kartelpartner N-VA toen het plan van een dialoog onder gemeenschappen op tafel kwam. Vooral Didier Reynders moest het in deze ontgelden. De importantie die hij toebedeeld zou krijgen, was een onoverkomelijke doorn in het oog van sommige CD&V’ers, hoewel hij als leider van de grootste Franstalige formatie in welk plan dan ook niet zomaar onder tafel kan worden weggeschoven. Toegegeven, wie de slaagkansen voor deze dialoog wilde optimaliseren, koos voor Rudy Demotte. Hij is tenslotte de directe evenknie van Kris Peeters – het andere konijn dat men in extremis uit de hoed probeerde te halen – en kan spreken als minister-president van de Waalse regering en het Waalse gewest. Los van strategische beweegredenen, al dan niet verwerpelijk, om toch Reynders naar voren te schuiven aan Franstalige kant, blijft het hallucinant om wat misschien een ultieme poging om het land te redden zal blijken af te schieten vanwege een persoon.
Het is dan ook in de eerste plaats CD&V die vandaag de zwarte piet mag worden toegewezen, meer dan de man van achthonderdduizend voorkeursstemmen, die, hoewel vaak op een gebrekkige wijze, tot de laatste snik heeft gepoogd een compromis binnen te halen. In tegenstelling tot de laconieke omgang van Bart De Wever met 15 juli is zijn kartelpartner die datum toch te veel geworden. Zij bliezen de regering op om hun relatie met de Vlaams-nationalisten te redden. Een strategie die niet enkel getuigt van aanleg tot slecht bestuur, maar helaas ook van inzicht in de situatie heden ten dage in Vlaanderen. In tegenstelling tot mezelf, heeft de CD&V maar al te goed door hoe het Belgisch karakter van de Vlaming na een jaar van crises wel geheel lijkt te zijn afgestorven. De top heeft de controle volledig verloren over wat de achterban van welke partij dan ook er tegenwoordig op na houdt wat de Vlaamse zaak betreft, en dient willens nillens rekening te houden met die realiteit. Wie de eerstkomende verkiezingen wil winnen, zal zich van een nog veel harder standpunt in deze moeten voorzien dan in der aanloop naar de verkiezingen in 2007. Dat maakt de situatie uitzichtlozer dan ooit en brengt een mogelijk compromis met de Franstaligen nog verder van waar iedereen het hebben wil.
Het zijn die laatste overigens die nu de leiding zullen moeten nemen. De man van achthonderdduizend ligt voor een hele tijd out, en verder heeft aan Vlaamse kant niemand nog zin om zijn vingers te branden aan deze zaak. Het zullen zij moeten zijn om te bewijzen dat ze werkelijk verder willen met ons aller moederland België en daarvoor ook bereid zijn tot een compromis te komen met hun noorderburen. Hoewel het einde wel helemaal zoek lijkt als zij zich daar niet toe kunnen brengen, is de kans dat zoiets er binnen afzienbare tijd van komt minimaal. Wanneer de ene verstart, kan de andere alleen maar volgen. Met kiezers die niet verder raken dan Madame Non en het naïeve geloof in vijf minuten politieke moed, is dat de enige politieke realiteit waarin in te schrijven valt. Tenminste toch voor zij die deze crisis zonder al te veel blutsen en builen willen uitkomen. Dat de groene partij zich ook vandaag weer bedeelt van veruit het intelligentste discours, behoeft geen commentaar.
Et maintenant? De vraag is alles behalve nieuw. Een België dat zich nu al meer dan een jaar zonder regering schijnbaar staande weet te houden, kan nog wel even verder. Ook al zullen de gevolgen voor de toekomst misschien al binnenkort rampzalig uitvallen, postbodes blijven net zoals alle andere bewoners van dit land aan de slag alsof er amper wat aan de hand is. Zonder morren, zonder gedoe, doen we gewoon allemaal verder zoals we bezig zijn. Morgen: parochieblad, misschien brengt dat wel raad.
dinsdag 15 juli 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten